Het blad Vanity Fair heeft een zeer groot artikel gepubliceerd waarin de meningen van meer dan 50 mensen werd gevraagd over The Bush Years.
Enkele namen:
Kenneth Adelman, nooit van gehoord natuurlijk maar een adviseur van Rumsfeld.
Hij zegt tegen Rumsfeld over Abu Ghraib:
A: "Je hebt de Abu Ghraib situatie waardeloos aangepakt, dat leek helemaal nergens op."
R: "Hoezo, dat is helemaal niet waar, ik had niet de goede informatie."
A: "Echte onzin, je had de informatie wat er allemaal in Abu Ghraib gebeurde al in januari, en het werd pas in het voorjaar openbaar gemaakt. En je wist dat er foto's waren, dat wist je toch?"
R.: "Er gebeurt hier van alles en nog wat en ik kon die foto's niet te pakken krijgen, ik kan niet achter elk verhaal aan gaan."
A: Excuse me, je had de president er al over verteld in januari, dus zo onbelangrijk was het niet. Als het belangrijk genoeg was om aan de president te vertellen, dan moet je er ook wat mee doen".
R: Nou ja, ik kon in ieder geval die foto's niet te pakken krijgen".
A. "Jij bent de minister van oorlog, iemand in jouw gebouw heeft die foto's, en jij kan 5 maanden lang niet aan die foto's komen??? Hallooo?"
Naar Alderman's mening heeft Abu Ghraib en Guantanamo er voor gezorgd dat er zo'n enorm verzet kwam met al die zelfmoordaanvallen. Hierdoor was het gemakkelijk om aan Jihadstrijders te komen die zich als martelaren wilden opofferen.
Joschka Fischer, de gewezen minister van buitenlandse zaken van Duitsland.
"Uiteindelijk bleek dat de verklaring van Powell in de Verenigde Naties was terug te voeren op de getuigenis van één man, die werd vastgehouden door de Duitsers. Zijn codenaam was Curveball. Ik was werkelijk stomverbaasd dat de Amerikanen de getuigenis van deze man gebruikten. Zijn verklaringen werd door ons met een korrel zout genomen. Wat hij zei kon waar zijn, maar het was ook mogelijk dat het een grote leugen was!"
Matthew Dowd, de Maurice d'Hondt van Bush:
"Ik had op de morgen van 9/11 net een peiling afgerond over de populariteit van Bush. Die was 51 of 52%. 24 uur later stond die op 90%"
Richard Clarke, hoofd van de dienst die de president adviseert over terrorisme.
"De avond van 9/11, toen de president eindelijk terug was, kwamen we allemaal bij elkaar . Rumsfeld zei: 'We moeten Irak doen.' Powell en ik keken naar hem: Waar heb je het in hemelsnaam over? En R. zei, en ik zal dit nooit vergeten: 'Er zijn gewoon niet voldoende doelen in Afghanistan, we moeten iets anders bombarderen om te laten zien dat we, zeg maar, groot en sterk zijn en ons niet laten intimideren door dit soort aanvallen'.
Ik zei meteen, en Powell ondersteunde mij daarin, dat Irak niets te maken had met 9/11, maar dat maakte helemaal geen indruk.
Achteraf had ik hier eigenijk niet verbaasd over moeten zijn. Vanaf de eerste dag waren ze aan het praten over Irak. Ik vond het wel afschuwelijk dat ze hierover al aan het praten waren terwijl de lichamen nog aan het brandden waren in het Pentagon en the World Trade Center".